Cerebrale parese/spasticiteit
Letterlijk vertaald betekent cerebrale parese hersenverlamming. Het geeft aan dat een deel van de hersenen door een beschadiging niet of anders functioneert dan normaal.
De cerebrale bewegingsstoornis uit zich op veel verschillende manieren, waarbij er ook combinaties van uitingsvormen mogelijk zijn. Spasticiteit is een van die vormen en dat zie je meestal door een sterkere spierspanning (tonus). Deze spierspanningen komen vooral voor wanneer het kind van plan is iets te gaan ondernemen, met iets bezig is, bij opwinding of andere emoties.
Het gebruik van het woord verlamming in verband met spasticiteit kan verwarrend zijn. Immers, kinderen met Cerebrale Parese voelen soms sterk en verstijfd aan. Bedoeld wordt echter dat de hersenen niet in staat zijn de juiste spanning aan de spieren door te geven en ze onderling op de goede manier te laten samenwerken.
Cerebrale Parese is een parapluterm waarbij de kenmerken zijn dat:
- het een houding- / bewegingsstoornis is
- waarvan de basis ligt in een beschadiging van de hersenen
- die voor de eerste verjaardag heeft plaatsgevonden.
Hulpvraag van de ouders
- Mijn kind beweegt anders en stijver dan andere kindjes. Hoe kan ik ervoor zorgen dat hij of zij makkelijker kan bewegen en de achterstand kan inhalen
- Hoe kan ik het beste mijn kindje optillen, dragen, verzorgen? Wat mag ik allemaal wel en niet doen? Hoe kan ik met hem of haar oefenen?
- Wat zijn de gevolgen en wat kan eraan gedaan worden?
Onderzoek en Behandeling van cerebrale parese/spasticiteit
Observatie en onderzoek
De therapie bij het kind met een spastische Cerebrale Parese is afhankelijk van het ontwikkelingsniveau en de ernst van de stoornis.Geprobeerd wordt om, ondanks de spastische bewegingsstoornis, een zo hoog mogelijk motorisch activiteiten niveau te bereiken.
Vergroten van de spierkracht, preventie van bewegingsbeperkingen (contracturen) en standafwijkingen vormt een belangrijk deel van de therapie.
Hierbij wordt al of niet gebruik gemaakt van hulpmiddelen zoals (semi)orthopedisch schoeisel, beugels, looprekjes of van spasme remmende middelen zoals o.a Botox. Soms is een operatieve ingreep, zoals een peesverlenging noodzakelijk.
Uit dit alles blijkt dat een intensief overleg met diverse specialisten zoals een kinderneuroloog, kinderorthopeed en kinderrevalidatiearts noodzakelijk is.
Het resultaat is afhankelijk van de ernst enuitgebreidheid van de stoornis. Soms volgt op de therapie aan huis of in de praktijk een verwijzing naar een multidisciplinair centrum. Afhankelijk van het cognitieve (geestelijk) ontwikkelingsniveau kan dit een revalidatiecentrum met mytylschool zijn of een Kinder Dag Centrum (KDC).
Klik op onderstaande links voor meer informatie:
http://www.kinderneurologie.eu